Posts

Toevallige vondsten (2)

Afbeelding
Lang niet frequent genoeg kijk ik naar de nieuwe toevoegingen op de site Digitale bronbewerkingen . Laatst kwam ik daar wel aan toe en deed meteen een paar aardige toevallige vondsten in de index op de Evangelisch Lutherse huwelijken in Amsterdam. Ik heb de volgende Texelaars gevonden: 03-03-1765 Pieter Pristom, van Tessel, met Anna Visser, Karolinenziel, wed. van Andries Berg 23-08-1772 Dirk Croese, van Neuenkirche, met Mietje Pieters, van Waal [mogelijk niet van Texel] 02-05-1773 Christiaan Poortman, van Dortmund, met Magteld Veen, van Tesse 10-07-1774 Dirk Bramink, van Ootmarsum, met Sara Star, van Texel, wed. van Anthoon Springer 04-06-1780 Jan Albert Schagen, van Texel, met Maria Schutte, van Amsterdam 07-10-1787 Dirk Anthonij Helfer, van Dissen, met Wilhelmina Visser, van Texel Op de achternaam van de eerste persoon viel meteen mijn oog. Talrijk zijn de varianten hierop: Presto, Prestom, Pristom, Piesta, Prestum. De naam hebben we voor het eerst aangetro...

Schutterij

Afbeelding
Op Texel was er in de 17e en 18e eeuw een schutterij. De schutterij was een burgermilitie, waaraan in principe alle weerbare mannen deelnamen. Ze moesten zelf zorgen voor een geweer, een pond kruit en een pond kogels, tenzij ze onvermogend waren. In het Huydecoperarchief zijn in inventarisnummer 419 nadere gegevens hierover te vinden o.a. uit 1653 en 1691. In 1691 betreft het de betalingen door de menisten op Texel. De menisten of doopsgezinden hadden namelijk principiële bezwaren tegen het dragen van wapens. Zij moesten toch verschijnen bij de monstering en een som geld betalen en er is een lijst gemaakt van deze mannen. Het meest complete overzicht van de burgermilitie is uit 1747 en is in dezelfde bron te vinden. Maarten 't Hart heeft daar een transcriptie van gemaakt, die via de site van de Historische Vereniging Texel is te downloaden . In Den Burg waren er 12 korporaalschappen. Bij de monstering in 1747 waren er 179 officieren en schutters uit Den Burg. Drieëntwintig man...

Adriaan Jansz Braak (2x)

Afbeelding
Ooit was de nog steeds bestaande buitenplaats Brakenstein op Texel in handen van de kapitein Adriaan Jansz Braak. Adriaan was in dienst van de Rotterdamse Admiraliteit, die Admiraliteit ter Maze werd genoemd. Het was de oudste van de vijf Nederlandse Admiraliteiten. Hij trouwde omstreeks 1699 met Sara Gerrits Barmentlo en er zijn twee kinderen uit dit huwelijk bekend: Jan en Gerrit. In 1706 was Adriaan kapitein van het oorlogsschip "de Raaf" of "de Raven", zoals het in het Texelse notarieel archief wordt genoemd. Hij was de opperbevelhebber van zes Nederlandse schepen die bij de Doggersbank slaags raakten met een eskader van zeven Franse oorlogsschepen onder leiding van Forbin. Gedurende deze strijd sneuvelde kapitein Adriaan Jansz Braak op 2 oktober 1706, evenals een deel van zijn bemanning. Een paar van de overlevenden verklaarden bij een Texelse notaris dat er aan boord 36 watervarkens waren geweest. Deze capibara's waren privé eigendom van kapitein Braak...

Texelaars in het leger van Napoleon

Afbeelding
Door de heer Oteman is een omvangrijke database samengesteld van Nederlandse militairen die in het leger van Napoleon hebben gediend. Zoeken op Texel als herkomstplaats, levert 129 zoekresultaten op. De mannen die werden ingeloot moesten in principe vijf jaar dienen. Als ze het zich konden veroorloven, sloten ze daarom een contract met een remplaçant. Het was gebruikelijk dat de vervanger meteen een premie van f 5,- kreeg en daarna f 4,- per week. Zo was op 23-3-1811 Cornelis Jacobsz Boon ingeloot als kustkanonnier. De Oosterender was kaagschipper en hij vond zijn toekomstige taak in de kustverdediging hinderlijk en nadelig in zijn bedrijf en kostwinning. Hij kwam dus met de zeevarende Reijer Jansz Smit overeen dat deze hem zou vervangen. Dat werd een dag later vastgelegd in een notariële akte. Een aardig detail in dit document is de omschrijving van zijn uiterlijke kenmerken. Reijer had blauwe ogen en blond haar, was vol van aangezicht en lang van statuur. Hij werd ingelijfd bij ...

Vogelzang

Afbeelding
Vandaag de dag is Vogelenzang een straat in het centrum van Den Burg. In de achttiende eeuw stond op de hoek van deze weg en de Gasthuisstraat het huis Vogelzang. De naam van de weg en de naam van het huis zijn mogelijk afgeleid van een nabijgelegen bosje. In ons boek Den Burg 1622-1830 staat dat Jacob Jansz Kikkert het vervallen huis kocht in 1759. Dit was de eerste overdracht waarbij het huis met de naam Vogelzang werd aangeduid. Toevallig heb ik onlangs in het Huydecoperarchief een eerder document ontdekt waarin deze naam wordt genoemd. Wat was er aan de hand? Baljuw Huydecoper toog op maandag 24 april 1741 naar het betreffende pand vergezeld van twee schepenen van Den Burg. Voor Vogelzang trof hij Gerbrand Drost en Jan Kikkert aan en het huisje was "toe en geslooten". Daarop liet de baljuw het openbreken door een smid en vond daar 38 doorgesneden delen en 42 hele delen. Hout dus, waarvan Jan Kikkert het eigendom claimde. De planken waren afkomstig uit de Zara Petr...

Huisvredebreuk

Afbeelding
Het doopsgezinde echtpaar Jan Cornelisz Dijksen en Aaltje Ariens Bakker woonden in De Waal. Ze kregen in ieder geval zes kinderen die de volwassenheid bereikten: Cornelis, Adriaan, Maartje, Neeltje, Augustijn en Cornelis de jonge. Nadat Jan was overleden, zette Aaltje de boerderij voort met hulp van Augustijn en Cornelis de jonge. Op 6 december 1733 was Aaltje rond middernacht bezig in de keuken van haar huis aan De Waal toen ze gestommel hoorde. Aaltje wilde een kijkje gaan nemen. Ze ontdekte dat de keukendeur was dichtgebonden met een touw, zodat ze het vertrek niet kon verlaten. Gelukkig kwam haar 14-jarige zoon Augustijn thuis, zodat hij kon zien wie de snoodaards waren. Gerrit Jacobs, een kostganger van de schoolmeester aan De Waal, alsmede Cornelis Willemsz Boon, Jacob Aldersz Koorn, Jacob Klaasz en Jacob Lubbersz werden door hem op heterdaad betrapt. Ze hadden de ramen van het achterhuis vernield en daarna de achterdeur opengedaan om in het huis te komen. Later vernielden ze ...

Dubbele moraal

Afbeelding
In het gereformeerde kerkenraadsboek van Oudeschild staan zo nu dan lidmaten vermeld die worden uitgesloten van het avondmaal. Meestal was dat een tijdelijke zaak en werd er na verloop van tijd berouw getoond, waarna de betreffende persoon weer in genade werd aangenomen. Soms wordt daarbij bloemrijke taal gebruikt. Zo werd in 1790 Geertje Jans Veen "van wege vuile en ergerlijke zonde van vleeschlijke onreinheid" het avondmaal ontzegd. Eigenlijk kun je hieruit niet concluderen wat Geertje precies misdaan had, behalve dat het wel gerelateerd zal zijn aan buitenechtelijke gemeenschap. De meeste andere gevallen zijn meer helder. Zo werden in 1784 Albert Harmensz Schraal en Jannetje Dekker de tafel des Heren ontzegd, omdat Jannetje bevallen was vlak voor het huwelijk. Albert bekende overigens de vader van het kind te zijn en ze trouwden netjes volgens de planning. Maar je kunt zeker spreken van een dubbele moraal. In veel gevallen kreeg alleen de vrouw de schuld toegeschov...